Afbeelding: via Pexels

Als stichting proberen wij in te spelen op maatschappelijke (woon)trends, om onze projecten zo succesvol mogelijk te maken. De twee belangrijkste trends waar SHS zich op focust, zijn natuurlijk de leegstand van panden en het tekort aan studentenkamers binnen Delft. Er zijn echter ook grote, landelijke trends die wij als stichting niet aan ons voorbij kunnen laten gaan. 

In Amsterdam opent binnenkort bijvoorbeeld het tweede ‘Ramses Shaffy-huis’: een woongebouw waar jongeren én ouderen met een passie voor kunst samenleven. Uit ervaring blijkt dat de bewoners juist door de onderlinge verschillen geïnspireerd worden voor hun werk. Andere woongebouwen waar gemixt geleefd wordt, schieten als paddenstoelen uit de grond. Deze flexibele, creatieve manier van samenleven is in opmars; een harde tegenstelling met het traditionele wonen.

Er zijn al meerdere onderzoeken gedaan naar het mixen van doelgroepen om de woonomgeving voor iedereen levendig en inspirerend te houden. SHS is het afgelopen jaar bezig geweest om de focus van enkel studentenwoningen ook naar huisvesting voor andere doelgroepen te verleggen, inspelend op de maatschappelijke ontwikkelingen binnen de woningmarkt. Vooral voor de ‘buitenbeentjes’ is er een grote schaarste aan huisvesting: zij hebben moeite om een passende woonruimte te vinden, waar ze zich comfortabel en prettig kunnen voelen.

Een bekend onderzoek wat ook over het mixen van deze doelgroepen gaat, is het Magic Mix-onderzoek van Platform 31. Dit onderzoek richt zich voornamelijk op mensen die met spoed en voor tijdelijk gebruik een woning nodig hebben. Meer dan 10% van alle huishoudens valt onder deze groep ‘outsiders’ op de woningmarkt. Denk hierbij aan: studenten, starters, statushouders en (tijdelijk) thuislozen. Deze doelgroepen zijn vaak niet alleen op zoek naar een dak boven hun hoofd, maar ook een prettige plek om zich thuis te voelen.

Uit het onderzoek komt een aantal conclusies naar voren die wij als SHS van belang achten. Ten eerste leidt de tijdelijkheid van de projecten vaak tot een snelle doorstroom van bewoners, waardoor er op korte termijn veel bewoners gehuisvest kunnen worden. De (tijdelijke) bewoners accepteren een soberdere kwaliteit van de woning, wat economisch gunstig is voor zowel de ontwikkelaars als de bewoners. Als er weinig (grote) aanpassingen aan een gebouw worden gedaan, betekent dit tevens dat het gebouw in de toekomst makkelijker herbestemd kan worden.

Ten tweede blijkt dat in een aantal gerealiseerde projecten een mix van dragende en minder dragende bewoners een goede balans geeft. Het gaat hier om een balans tussen mensen die hun leven redelijk voor elkaar hebben en mensen die wat ondersteuning kunnen gebruiken. Door de verschillen kunnen de bewoners van elkaar leren en elkaar inspireren.

Ten derde is het belangrijk om goed na te denken over het sociaal beheer in zo’n project. Niet alleen moeten de bewoners zelf verantwoording willen en kunnen dragen voor hun leefomgeving, ook wordt er vaak een huismeester aangesteld. Deze huismeester fungeert binnen het project als een centraal punt waar bewoners heen kunnen met vragen en klachten en waar snel gehandeld wordt. Bij grote complexen is vaak toezicht aan de deur nodig, zodat niet iedereen in en uit kan lopen.

Er is overigens geen perfect recept voor de Magic Mix, de samenstelling is ook afhankelijk van externe factoren, zoals locatie, context en de grootte en indeling van het gebouw.

SHS wil graag werken met en voor deze ‘buitenbeentjes’ en dat is wat de stichting uniek maakt binnen de vastgoedwereld. De twee belangrijkste maatschappelijke doelen van SHS Delft zijn het verminderen van leegstand en het voorzien in het (studenten)kamertekort binnen Delft. In de komende tijd zullen we ons bezighouden met de focus op een nieuwe, maatschappelijke doelstelling: het realiseren van huisvesting voor ‘buitenbeentjes’ in de samenleving.

Share on Facebook10Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn0Email this to someone